info bbsf kalender competities formulieren
thuis
statuten
rio
sportreglement
ball cleaners
 
 
 

Reglement van Inwendige orde

In pdf formaat

1. OPRICHTING, DUUR, DOEL, WERKINGSMIDDELEN, GELDMIDDELEN

1.1 OPRICHTING

De Belgische Bowlingsport Federatie vzw (BBSF) werd opgericht op 07/06/1973.
In alle artikels hierna wordt er naar verwezen met de term "BBSF".
Op 21 november 2013 werd de BBSF opgedeeld in twee regionale federaties: Bowling Vlaanderen en de Fédération Sportive de Bowling Francophone (FSBF), hierna de “vleugels” genoemd.

1.2 TAKEN

De taken zijn:

1.3 WERKINGSMIDDELEN

Hieronder volgen de bronnen van inkomsten van de BBSF:

2. DE ALGEMENE VERGADERING

Het overkoepelend en opperste orgaan van de BBSF is de "ALGEMENE VERGADERING" (AV).
Het verkrijgt zijn machten van het kiezerskorps van elk van de twee vleugels.

2.1 BEVOEGDHEDEN

De AV is bevoegd, zonder dat deze opsomming een beperkend karakter heeft, om:

2.2 BENOEMINGEN

Bijzondere algemene vergadering
Alle vier jaar, naar aanleiding van een bijzondere vergadering die slechts door de leden van de AV mag worden bijgewoond en die zal gehouden worden tussen de 15de en de 28ste februari, neemt de AV akte

2.3 OPENSTAAN VAN EEN AMBT

Wanneer het ambt van de voorzitter, van de secretaris-generaal of één van de ondervoorzitters bij de Raad van Bestuur open komt te staan, deelt de betrokken vleugel zo snel mogelijk de naam van de plaatsvervanger aan het secretariaat en de andere leden van de Raad van Bestuur mee.

2.4 VERGADERINGEN

2.5 BERAADSLAGINGEN

2.6 HANDTEKENING

Alle documenten die de BBSF zouden kunnen binden tegenover derden moeten gezamenlijk door de voorzitter en de secretaris-generaal ondertekend worden.  Bij beletsel van een van beiden is de ondervoorzitter van de andere vleugel gemachtigd te tekenen.

2.7 RECHTSVORDERINGEN EN PERSOONLIJKE VERANTWOORDELIJKHEDEN

Rechtsvorderingen, zowel als eiser of als verweerder, worden verdedigd en gevolgd in naam van de AV, op vervolging en ten verzoeke van de voorzitter, handelend "qualitate qua" en niet op eigen verantwoordelijkheid, noch op zijn eigen hebben en houden, maar wel onder de verantwoordelijkheid van de vzw BBSF en het hebben en houden van de BBSF.

3. RAAD VAN BESTUUR

3.1 SAMENSTELLING – BENOEMINGEN – DUUR VAN HET MANDAAT

  1. De Raad van Bestuur bestaat uit de volgende leden: de voorzitters en de secretarissen-generaal van de beide vleugels.
  2. De voorzitter wordt verkozen door de Algemene Vergadering voor een periode van twee jaar.
  3. De voorzitter van de  andere vleugel vervult de functie van secretaris-generaal.
  4. Na twee jaar worden de functies van voorzitter en secretaris-generaal gewisseld.
  5. De secretarissen-generaal van de vleugels vervullen het mandaat van ondervoorzitter.
  6. Het mandaat van de leden van de Raad van Bestuur duurt 4 jaar.

3.2 ALGEMENE BEVOEGDHEDEN

  1. De Raad van Bestuur is het centraal orgaan voor het bestuur van de BBSF.
  2. De verantwoordelijken, comités  en de commissies staan rechtstreeks onder de bevoegdheid van de Raad van Bestuur. Dit houdt in dat de Raad van Bestuur het recht en de plicht heeft controle, toezicht en inspraak uit te oefenen op hun activiteiten. 
  3. Een comité of commissie kan de beslissingen van de Raad van Bestuur niet wijzigen.
  4. De Raad van Bestuur coördineert de activiteiten.
  5. De Raad van Bestuur benoemt de voorzitters van het Technisch en het Refereecomité.
  6. De Raad van Bestuur heeft ten allen tijde het recht commissies met bijzondere opdracht op te richten en hun taak, bevoegdheid, werkwijze en ambtstermijn te bepalen.
  7. Bijzondere opdrachten kunnen eveneens door de Raad van Bestuur aan individuele personen gegeven worden.
  8. De Raad van Bestuur vertegenwoordigt het bestuur van de BBSF in alle betrekkingen die het dagelijks bestuur van de BBSF met zich meebrengt.
  9. De Raad van Bestuur is bevoegd over te gaan tot coöptatie van leden ter aanvulling van de comités en commissies.
  10. De Raad van Bestuur is bevoegd een afvaardiging te sturen naar congressen en vergaderingen op internationaal niveau.
  11. De Raad van Bestuur bepaalt jaarlijks de bedragen inzake de administratieve boetes en deelt deze mee aan de clubs voor het begin van het nieuwe seizoen.

3.3 VERGADERINGEN

De Raad van Bestuur vergadert zo vaak als nodig, op verzoek van de voorzitter of twee van zijn leden.

3.4 BERAADSLAGINGEN

  1. De Raad van Bestuur kan enkel beraadslagen indien de meerderheid van zijn leden aanwezig is.
  2. Bij stemming is de gewone meerderheid van de aanwezige leden vereist.
  3. Bij gelijkheid van stemmen is deze van de voorzittervan de zitting doorslaggevend.
  4. Bij een eventuele geheime stemming is de gewone meerderheid steeds vereist,
    de stem van de voorzitter is niet doorslaggevend.
  5. De notulen van de vergaderingen worden bewaard op het BBSF bureel in een speciale map en worden getekend door de secretaris-generaal.
  6. Een kopie van deze notulen wordt verstuurd aan de leden van de Raad van Bestuur.

3.5 PUBLICATIE VAN DE BESLISSINGEN

De secretaris-generaal  geeft het secretariaat van de BBSF richtlijnen om de beslissingen van de Raad van Bestuur op de website te plaatsen en kenbaar te maken aan alle clubs.

4. VOORZITTER, SECRETARIS-GENERAAL, ONDERVOORZITTERS

4.1 DE VOORZITTER

  1. De voorzitter heeft de algemene leiding van de BBSF en zorgt voor de naleving van de statuten en alle nationale en internationale reglementen en besluiten.
  2. Hij leidt de Algemene Vergadering, het Executief Comité en de Raad van Bestuur.
    Hij stelt in samenwerking met de leden van de Raad van Bestuur de dagorde op.
  3. De voorzitter, of op zijn verzoek een ander, heeft het recht om vergaderingen die in verband met de BBSF worden gehouden bij te wonen en hij heeft daarin de plicht om desgevraagd advies uit te brengen.
  4. De voorzitter controleert op regelmatige tijdstippen de boekhouding al dan niet in aanwezigheid van de penningmeesters van de vleugels.
  5. De voorzitter kan de vergaderingen van de comités en commissies bijwonen.

4.2 DE SECRETARIS-GENERAAL

  1. De secretaris-generaal zal bij afwezigheid van de voorzitter zijn functie waarnemen.  Hij heeft zolang de waarneming duurt, alle rechten en plichten van de voorzitter.
  2. De secretaris-generaal is als eerste verantwoordelijk tegenover de BBSF voor de toepassing van de voorzieningen en de bepalingen van de statuten, van de reglementen en de besluiten.
  3. Hij leidt de correspondentie en de algemene administratie van de BBSF en wordt hierin bijgestaan door het secretariaat.
  4. Hij houdt de kopieën van verslagen van vergaderingen, lidmaatschappen, en homologatiedocumenten van bowlingcenters en van toernooien bij.
  5. Hij maakt de verslagen van de vergaderingen van de Raad van Bestuur en de Algemene Vergadering op.
  6. Hij zorgt ervoor dat na afloop van de Algemene Vergaderingen de aanpassingen in de samenstelling van de Raad van Bestuur worden doorgegeven aan de griffie van de Kamer van Koophandel te Brussel.
  7. Hij volgt de administratieve en de sportieve boetes op.
  8. De secretaris-generaal kan de vergaderingen van de comités en commissies bijwonen.

4.3 DE ONDERVOORZITTERS

  1. De ondervoorzitters maken deel uit van de Raad van Bestuur.
  2. De ondervoorzitters kunnen vergaderingen van de comités en commissies bijwonen.
  3. De ondervoorzitters kunnen in hun taalgebied de voorzitter vergezellen of vertegenwoordigen tijdens openbare plechtigheden of vergaderingen met officieel karakter.

5. EXECUTIEF COMITE

5.1 SAMENSTELLING

Het Executief Comité bestaat uit de Raad van Bestuur en de sportverantwoordelijken van de vleugels.

5.2 BEVOEGDHEDEN

  1. Het Executief Comité kan voor elke vergadering beroep doen op de verantwoordelijken van de vleugels.
  2. Het geeft jaarlijks zijn goedkeuring voor de nationale sportkalender voorgelegd door de sportcoördinatoren.
  3. Het geeft zijn goedkeuring voor de aanpassingen in de verschillende reglementen van de BBSF.
  4. Het keurt de aanduiding van de bowlingcentra, de oliepatronen en de referees voor de nationale kampioenschappen goed.
  5. Het zorgt  voor het goede verloop van de nationale competities en de Bekers.
  6. Op het gebied van interpretatie en toepassing van de reglementen geeft het richtlijnen aan de verschillende verantwoordelijken van de nationale competities.
  7. Het waakt over de toepassing van de sportreglementen en kan in geval van overtreding van die sportreglementen, de voorziene sancties opleggen.
  8. Deze opsomming is niet limitatief.

5.3 VERGADERINGEN

Het Executief Comité vergadert zo vaak als nodig, op verzoek van de voorzitter of drie van haar leden.

5.4 BERAADSLAGINGEN:

  1. Het Executief Comité kan enkel beraadslagen indien de meerderheid van zijn leden aanwezig is.
  2. Bij stemming is de gewone meerderheid van de aanwezige leden vereist.
  3. Bij gelijkheid van stemmen is deze van de voorzitter van de zitting doorslaggevend.
  4. Bij een eventuele geheime stemming is de gewone meerderheid steeds vereist.
  5. De notulen van de vergaderingen worden bewaard op het BBSF bureel in een speciale map en worden getekend door de secretaris-generaal.
  6. Een kopie van deze notulen wordt verstuurd aan de leden van het Executief Comité.

5.5 PUBLICATIE VAN DE BESLISSINGEN

De secretaris-generaal  geeft het secretariaat van de BBSF richtlijnen om de beslissingen van het Executief Comité op de website te plaatsen en kenbaar te maken aan alle leden.

6. FUNCTIES - COMITES

6.1 TOPSPORTCOORDINATOR

De Topsportcoördinator is verantwoordelijk voor:

  1. Het opstellen van zijn beleidsnota, die ter goedkeuring wordt voorgelegd aan de Raad van Bestuur.
  2. De trainingen van de nationale jeugd- en seniorenselecties.
  3. De voorstelling van teamcoaches en begeleiders aan de Raad van Bestuur tot coöptatie.
  4. De begeleiding van de teamcoaches.
  5. Het opstellen van de doelstellingen en de trainingsprogramma’s.
  6. De voorstelling van de nationale selecties.
  7. Controle op het sportreglement betreffende  de nationale teams.
  8. Het onderhouden van betrekkingen met het BOIC.
  9. De contacten met Bowling World en de ETBF.

Hij wordt bijgestaan door een assistent van de andere vleugel.

 6.2 SPORTCOORDINATOR

Tot de taken van de sportcoördinatoren van de beide vleugels behoren:

  1. De coördinatie en communicatie tussen de verschillende verantwoordelijken van de vleugels.
  2. De jaarlijkse samenstelling van de nationale kalender.
  3. Het toezicht op de samenstelling van de divisies in de interteams competities.
  4. Het aanpassen van het addendum van de verschillende kampioenschappen.
  5. Het aanduiden van de bowlingcentra, de oliepatronen (conform de sportreglementen) en de referees in samenspraak met het Technisch en Refereecomité.
  6. De controle van hoofdstuk I van de bowlingspelreglementen in samenwerking met het Refereecomité.
  7. Het homologeren van de toernooien.
  8. Het doorverwijzen van zaken naar het bevoegde Geschillen- en Tuchtcomité.

Alle beslissingen gebeuren in onderlinge samenwerking en worden indien nodig voorgelegd aan de Raad van Bestuur of het Executief Comité.

6.3 TECHNISCH COMITE

Het Technisch comité is samengesteld uit twee personen die gemandateerd zijn door de beide vleugels.
De voorzitter wordt aangesteld door de Raad van Bestuur.
Tot de taken van het Technisch Comité behoren:

  1. De jaarlijkse controle van de bowlingbanen, aanverwante uitrusting en het algemeen onderhoud ervan.
  2. De toekenning van homologatiecertificaten aan de centers.
  3. Het uitbrengen van advies inzake de oliepatronen voor de kampioenschappen- conform de categorie voorzien in het sportreglement - in samenwerking met de bowlinguitbater.
  4. Controle van het oliepatroon bij de  kampioenschappen op vraag van de Raad van Bestuur.
  5. De controle en de aanpassing van hoofdstuk 2 van het sportreglement, betreffende de bowlinguitrusting.

Alle beslissingen worden in het comité genomen en worden voorgelegd aan de Raad van Bestuur of het Executief comité.

6.4 REFEREECOMITE

Het Refereecomité is samengesteld uit twee personen die gemandateerd zijn door de beide vleugels.
De voorzitter wordt aangesteld door de Raad van Bestuur.
Tot de taken van het Refereecomité behoren:

  1. Het toezicht op de naleving van de sportreglementen tijdens de kampioenschappen.
  2. Het lezen en opvolgen van rapporten van referees.
  3. Het opleggen van de administratieve en/of sportieve sancties ingevolge inbreuken tijdens nationale kampioenschappen.
  4. Het doorverwijzen van tuchtzaken of andere geschillen naar het desbetreffende Geschillen- en Tuchtcomité.

Alle beslissingen worden in het comité genomen.

  1. Het aanduiden van de referees voor de kampioenschappen.
  2. De controle van hoofdstuk I van de bowlingspelreglementen in samenwerking met de sportverantwoordelijken.

Alle beslissingen worden in het comité genomen en worden voorgelegd aan het Executief Comité.

6.5 REGLEMENTENCOMITE

Het Reglementencomité wordt samengesteld door één gemandateerd lid van elke vleugel.
De voorzitter wordt aangesteld door de Raad van Bestuur.
Tot de taken van het Reglementencomité behoren :

  1. Controle van de bestaande reglementen.
  2. De bestaande regelgeving aanpassen, vereenvoudigen en verduidelijken.
  3. Het verwijderen van verouderde en oncontroleerbare regelgeving.
  4. Het opstellen van nieuwe regelgeving.

Alle beslissingen worden in het comité genomen en worden voorgelegd aan het Executief Comité.

7. ALGEMENE REGELS

8. KLACHTEN, SANCTIES, BEROEP

8.1 KLACHTEN VAN HET TYPE « SPORTIEF »

Klachten tegen één of meerdere spelers betreffende hun gedrag worden behandeld door het Geschillen- en Tuchtcomité van de betrokken vleugel, zelfs indien het een klacht betreft ingediend door een lid of club van één vleugel tegen een lid van de andere vleugel.

Een klacht tegen een beslissing van een referee tijdens een nationale competitie georganiseerd door de BBSF wordt door de sportverantwoordelijken behandeld.

Een klacht voor feiten vastgesteld gedurende een interploegen ontmoeting (interteams, Beker van België) wordt door de sportverantwoordelijken behandeld.

8.2 KLACHTEN VAN HET TYPE « ADMINISTRATIEF »

Een klacht wegens een daad of een beslissing, waarover de klager stelt dat het een inbreuk is op een reglement (statuten, huishoudelijk reglement, sportreglementen, ...),
zal behandeld worden door de secretaris-generaal.

8.3 ONTVANKELIJKHEID

Om ontvankelijk te zijn, moet een klacht:

  1. Per aangetekende brief verstuurd worden naar de secretaris-generaal binnen
    de 8 kalenderdagen, gerekend  vanaf het ogenblik dat de feiten zich hebben voorgedaan. De poststempel van de aangetekende zending geldt als bewijs.
  2. Ondertekend zijn door het aangesloten lid of door de bevoegde personen, waarvan de identiteit en de functie duidelijk moeten omschreven zijn. Voor een club, een comité, een nationale commissie of een vleugel dienen de voorzitter of de secretaris te tekenen, of bij ontstentenis de meerderheid van de leden van dat orgaan.
  3. De naam en eventueel het adres vermelden van het lid of het comité waartegen klacht wordt ingediend.
  4. Met redenen omkleed zijn ‐ met vermelding van de artikelen van de statuten, het huishoudelijk reglement of de sportreglementen die niet werden gerespecteerd ‐ en vergezeld van alle stukken die de klacht rechtvaardigen.

8.4 RECHTSPLEGING

Samenstelling van het dossier
Dadelijk na ontvangst van een klacht zal de secretaris-generaal  het dossier versturen naar het Geschillen- en Tuchtcomité van de betrokken vleugel.  Hij zal tevens een kopie van het dossier laten geworden aan de secretariaten van beide vleugels, om deze toe te laten te voldoen aan het verzoek tot raadpleging van één of van beide partijen.

Bij de ontvangst van het dossier zal het betrokken orgaan de ontvankelijkheid en haar bevoegdheid nagaan.
Het betrokken orgaan onderwerpt dan het dossier aan een vooronderzoek en stelt hiervan een verslag op binnen een termijn van maximum 30 kalenderdagen, te rekenen vanaf de datum van de aangetekende zending.

9. CONTROLE OP DE BOEKHOUDING

De penningmeesters van de beide vleugels worden belast met de controle op de boekhouding.

Hun opdracht bestaat er in:

  1. De boekhouding van de BBSF na te zien.
  2. Een verslag van hun bevindingen op te stellen en dit voor te leggen aan de Raad van Bestuur.
  3. Zij maken in samenwerking met een boekhouder, tweemaal per jaar een tussentijdse balans op.

Zij mogen te allen tijde controles uitvoeren op de zetel van BBSF.
Om hun opdracht uit te voeren hebben zij het recht alle rekeningen en facturen in te zien.
Elke bestuurder kan de boekhouding consulteren op de zetel van de BBSF.

10. PROCEDURE VOOR WIJZIGINGEN AAN DE SPORTREGLEMENTEN

10.1 INDIENEN VAN DE VOORSTELLEN

Een voorstel tot wijziging aan de sportreglementen kan ingediend worden door:

10.2 BEHANDELING VAN DE VOORSTELLEN

Alle voorstellen zullen geformuleerd worden op de daartoe voorziene formulieren en zullen ondertekend worden door de indiener.
Deze ondertekende voorstellen zullen verstuurd worden naar het secretariaat van de BBSF.
De voorstellen worden overgemaakt aan de Raad van Bestuur.
Eenmaal per jaar zal de Raad van Bestuur een commissie samenstellen die belast wordt met het onderzoeken van de voorstellen.

10.3 PUBLICATIE

De secretaris-generaal  voert vóór de publicatie, die ten laatste op 31 mei van het lopend seizoen zal plaatsvinden, een ultieme controle uit over de ingediende teksten en amendementen. Er zal vooral gelet worden op de overeenstemming tussen de Franstalige en Nederlandstalige teksten.

De goedgekeurde wijzigingen worden van kracht op 1 juni van het eerstvolgend sportseizoen.

11. AANSLUITINGEN

11.1 WIJZE VAN AANSLUITING

• Algemene regels:

Een club mag maar bij één enkele vleugel aansluiten.
Het adres van de maatschappelijke zetel van de club  bepaalt bij welke vleugel wordt aangesloten.

• Bijzondere regels:

Een club en haar leden zullen verplichtend aangesloten zijn bij één van beide vleugels in overeenstemming met de vigerende wetten, decreten en besluiten van de gemeenschap of het gewest dat voor de betrokken vleugel bevoegd is. 
Specifieke bepalingen daaromtrent worden opgenomen in de statuten en/of het huishoudelijk reglement van de vleugels.
De club waarvan de zetel gevestigd is in het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest, heeft de vrije keuze om met zijn leden aan te sluiten bij één van de beide vleugels. Deze beslissing hoort toe aan de jaarlijkse Algemene Vergadering van de club, die gehouden moet worden vóór vijftien mei.  De beslissing gaat in voege vanaf de eerste juni volgend op de vergadering.

11.2 PROCEDURE VAN AANSLUITING, ONTSLAG en TRANSFER

De procedureregels betreffende de aansluiting, het ontslag, de transfers, de aansluitings‐ of heraansluitingskaarten, vallen onder de bevoegdheid van de vleugels en zijn weergegeven in hun statuten en/of huishoudelijke reglementen.

12. CATEGORIEEN VOLGENS GEMIDDELDE

  1. Naargelang hun gemiddelde worden de leden onderverdeeld in verschillende categorieën:

Cat. A+ vanaf 205
Cat. A   190 - 204
Cat. B   180 - 189
Cat. C   170 - 179
Cat. D+ 160 - 169
Cat. D       0 - 159

  1. Nieuwe L-licentieleden worden bij hun inschrijving in categorie D+ ingedeeld.
  2. Indien de speler een vreemde nationaliteit en een wettelijke verblijfplaats in het buitenland heeft en in het bezit is van een nationale licentie van dat land, geldt de volgende regel:
    “Ter gelegenheid van zijn eerste inschrijving moet hij een kopie van zijn nationale licentie voorleggen waarop het gemiddelde is vermeld, dewelke zal worden gecontroleerd door het secretariaat bij de federatie van herkomst. Aan de hand hiervan zal hij dan in de overeenkomstige categorie ingedeeld worden.”
  3. Spelers die één of meerdere jaren geen lid waren van de BBSF, worden ingedeeld in de categorie die overeenstemt met hun laatst gekend gemiddelde.
  4. Spelers van een buitenlandse federatie die één of meer jaren geen lid waren van een buitenlandse federatie, worden ingedeeld in de categorie die overeenstemt met hun laatst gekende gemiddelde.

13. OUDERDOMSGROEPEN

De verschillende ouderdomsgroepen zijn als volgt vastgelegd:

  1. Pupil: Een lid dat 6 jaar is op datum van inschrijving en nog geen 10 jaar is voor 1 juni van het lopende seizoen.
  2. Preminiem: Een lid dat 10 jaar is en nog geen 12 jaar is voor 1 juni van het lopende   seizoen.
  3. Miniem: Een lid dat 12 jaar is en nog geen 14 jaar is voor 1 juni van het lopende seizoen.
  4. Scholier: Een lid dat 14 jaar is en nog geen 16 jaar is voor 1 juni van het lopende seizoen.
  5. Junior: Een lid dat 16 jaar is en nog geen 18 jaar is voor 1 juni van het lopende seizoen.
  6. Senior: Een lid dat 18 jaar is en nog geen 50 jaar is voor 1 juni van het lopende seizoen.
  7. Veteraan: een lid dat 50 jaar is of ouder vanaf zijn verjaardag.

14. NATIONALE COMPETITIES

14.1 HET SPEELSEIZOEN

Het jaarlijks speelseizoen loopt van 1 juni tot 31 mei van het daaropvolgend jaar.

14.2 KAMPIOENSCHAPPEN

Elk jaar wordt voor 31 augustus  een addendum opgesteld waarin de verschillende kampioenschappen en hun reglementen worden opgenomen.

14.3 BEVOEGDHEDEN

De organisatie en leiding van de nationale competities is de bevoegdheid van referees.
De door hen genomen beslissingen tijdens de uitoefening van hun functie, in het belang van de goede afloop van de competitie, zijn bindend.

14.4 DEELNAME - INSCHRIJVING

Ongeveer 6 weken voor de aanvang van de nationale kampioenschappen publiceert de BBSF de inschrijvingsformulieren op de site van de BBSF.
De inschrijvingskosten van de deelnemers worden betaald na ontvangst van de factuur. 
Afhankelijk van het kampioenschap wordt deze factuur naar de speler of naar de club gestuurd.
De deelnamekosten van diegenen die zonder gegronde reden afwezig waren, worden door de BBSF van de betrokken club teruggevorderd.

14.5 BEPALING VAN HET OFFICIEEL GEMIDDELDE

Er worden twee gemiddelden in overweging genomen:

Het bepalen van het officieel gemiddelde is afhankelijk van volgende parameters:

15. INTERNATIONALE COMPETITIES

15.1 BEVOEGDHEDEN

De Raad van Bestuur behoudt zich het recht voor om de organisatie op zich te nemen van internationale wedstrijden en de beslissingen te treffen over de mate van haar deelname aan de door Bowling World/ETBF ingerichte of erkende wedstrijden.

15.2 NATIONALE AFVAARDIGING

De afvaardiging aan internationale competities bestaat uit:
- De voorzitter van de BBSF of diens plaatsvervanger in de hoedanigheid van delegatiehoofd.
- De nationale coach(es).
Bij beslissing van de Raad van Bestuur kan een afvaardiging andere vormen aannemen.

15.3 NATIONALE PLOEGEN

Onder “nationale ploeg” wordt verstaan: de groep van geselecteerde spelers die de BBSF in een internationaal kampioenschap zal vertegenwoordigen.
De BBSF kent volgende nationale ploegen:

15.4 VERPLICHTINGEN VAN DE CLUBS

  1. Clubs kunnen in geen geval beletten dat hun spelers deel uitmaken van een nationale ploeg.
  2. Spelers uit de preselectie en definitief geselecteerde spelers voor een nationale ploeg die zonder geldige reden de selectiewedstrijden of oefenperiodes verzuimen, kunnen van verdere deelname uitgesloten worden.  Deze maatregel geldt eveneens voor spelers die handelen in strijd met de “gedragscode”.
  3. Indien twee spelers van een ploeg niet beschikbaar zijn voor een interteams- of bekerwedstrijd ten gevolge van hun aanduiding als speler of coach van de nationale ploeg voor een internationale competitie, kan hun ploeg de wedstrijden die in de periode van het internationaal kampioenschap vallen, uitstellen. Deze wedstrijden dienen gespeeld te worden binnen de tijd voorzien in het sportreglement.

15.5 BEVOEGDHEDEN

  1. De organisatie en leiding van de nationale teams op internationale wedstrijden vallen onder de bevoegdheid van de Topsportcoördinator.
  2. In dit verband zal hij als delegatiehoofd fungeren en heeft dan de bevoegdheid disciplinaire maatregelen te nemen.

16. ERELEDEN

De ereleden zijn personen die met twee derde van de stemmen van de aanwezige leden als dusdanig benoemd worden door de Algemene Vergadering en dit op voorstel van ofwel:

Deze benoeming mag slechts geschieden voor uitzonderlijke diensten bewezen aan de BBSF.  Een erelid verliest die hoedanigheid als hij er de secretaris-generaal schriftelijk van verwittigt of bij beslissing van de Algemene Vergadering genomen met de hiervoor voorziene meerderheid.